Sign up with your email address to be the first to know about new products, VIP offers, blog features & more.

Note to self; Owen krijgt binnen geen sokken meer aan

Het is een doodgewone maandagochtend. Samen met Owen ben ik vrij. We gaan om boodschappen, waarna Owen mij meehelpt door één voor één alle boodschapjes naar mij toe te brengen. Daarna gaan we Bandit uitlaten, fruit eten en spelen.

Owen loopt op zijn sokjes. Stom, achteraf, want het is hartstikke glad op een laminaat vloer. Owen glijdt uit en klapt met zijn hoofd op het laminaat. Eerlijk gezegd ga ik niet meteen naar hem toe, omdat ik bijna altijd afwacht of Owen gaat huilen. Soms lijkt de klap hard, maar huilt hij niet en speelt hij vrolijk verder. En ik wil geen kind dat om elk pijntje gaat huilen als het niet nodig blijkt.

Alleen doet het dit keer wel pijn en gaat hij huilen. Ik loop meteen naar hem toe en pak hem op. Hij huilt nu zelfs zo intens dat hij niet meer op adem komt. Dit gebeurt vaker. Er is ook een naam voor; breath holding spells. Het betekent letterlijk het vasthouden van je adem, waarna er sprake kan zijn van flauwvallen. Dit is ons niet onbekend (helaas). Het gebeurt vaker. En ook dit keer. In tegenstelling tot de eerste keer, raak ik niet in paniek en blijf ik rustig. Want als Owen flauwvalt, komt hij vrijwel altijd heel snel weer bij, is even wat suf of slaperig, maar is vaak na enkele minuten weer bijgekomen en gaat hij weer verder spelen alsof er niets is gebeurd.

Dit keer gaat het anders. Owen valt flauw, maar wordt niet wakker. Heel snel na het flauwvallen begint hij plotseling te schokken. Ik ben er niet trots op, maar nu raak ik wél in paniek. Ik probeer echt rustig te blijven, maar op dat moment denk ik alleen maar ‘Owen, ga niet dood’. Eng, heel erg eng om dat te denken. Dat kleine lijfje tegen me aan, al schokkend, rochelend (alsof hij moest overgeven, maar het niet lukte) en met zijn ogen draaiend. Ook zoiets engs. Zijn ogen waren open, maar hij was er niet.

In een helder moment trek ik mijn schoenen aan, steek ik mijn mobiel in mijn kontzak, denk ik nog even aan de huissleutels, maar die liggen te ver weg, dat komt wel denk ik nog en ren ik met Owen naar buiten. Naar de huisarts. Die zit gelukkig bij mij om de hoek. Het is nog geen halve minuut rennen gok ik.

Op het allerlaatste moment denk ik nog ‘shit, hij zal toch wel open zijn?’, want het is vakantie. Gelukkig is de deur open. Er is niemand aanwezig. Ik roep ‘hallo’! Geen reactie. ‘Kan iemand mij helpen?!’  probeer ik nog eens, met waarschijnlijk een snik in mijn stem. De doktersassistente komt en ziet dat er iets mis is.

De dokter wordt erbij geroepen. De huisarts krijgt Owen niet wakker. Hij vindt dat we naar de kinderarts moeten. Op dat moment zit ik me te bedenken hoe ik daar dan moet komen en wie ik moet bellen. Later begrijp ik pas dat we met de ambulance gaan. Deze is opgeroepen en komt met spoed. Ik probeer Richard te bereiken, maar hij neemt niet op. Dan bel ik mijn moeder, want ik heb helemaal niets bij me, behalve mijn mobiel. De doktersassistent bereikt Richard eindelijk door zijn werk zelf te bellen. Richard komt eraan. Dan hoor ik sirenes. De ambulance is er, dus echt met spoed. Even later zie ik Richard lijkbleek binnenkomen. Ondertussen is Owen na twintig minuten buiten bewustzijn geweest te zijn wakker geworden, vlak voor Richard binnenkomt. Dat is een enorme geruststelling! Hij heeft plakkertjes gekregen op zijn buik en borst en er zit een draad om zijn teen. Dit vindt hij allemaal maar gek en reageert daarop. Ik hoor nog dat er ‘dingen’ worden afgezegd, maar weet niet precies waar het allemaal over gaat. Ik ben op dat moment zo blij dat Owen reageert.

Ik ga met Owen mee de ambulance in, zonder sirenes, wat voor mij een goed teken is en ik iets geruster ben. Richard en mijn moeder rijden zelf naar de spoedeisendehulp. In de ambulance krijgt Owen een knuffel, maar die duwt hij weg. Hij ligt tegen mij aan, en vindt dat eigenlijk niks, het is geen kroel en stilzitter. Op dat moment is dat voor mij alleen maar een goed teken.

Bij de spoedeisendehulp wachten we een tijdje tot de kinderarts komt. De verpleegkundigen vragen mij te vertellen wat er is gebeurd en ik vertel hoe onze maandagochtend was vanaf het moment van de val. Later aan de kinderarts vertel ik het weer. Hij besluit dat Owen voor de zekerheid naar de kinderafdeling moet om geobserveerd te worden. Op dat moment loopt Owen rond alsof er niks is gebeurd.

We krijgen een kamertje toegewezen; de Griekenland kamer. Het lukt zowaar om Owen te laten slapen in het bedje wat in de kamer staat, wat ik nog steeds knap vind. Hij ligt ergens waar hij nog nooit is geweest, zonder slaapzak die hij normaal gesproken altijd aanheeft en dan zitten wij er ook nog eens bij. Wij zitten zo een uur muisstil met onze mobieljes en regelmatig naar Owen te kijken (hij ligt zo lief, op zijn buik, met zijn kontje omhoog). Na een uur wordt Owen wakker gemaakt door een verpleegkundige en wordt even gecontroleerd. Alles lijkt goed. We moeten nog even een paar uurtjes blijven, tot de kinderarts hem heeft gezien en mogen dan waarschijnlijk weg.

Owen is inmiddels niet te houden in de kamer. Er is niks te doen voor hem. We gaan naar de speelkamer en hij vindt het geweldig! Vooral de kast met daarin een piano en allemaal spannende laatjes waar geluidjes uitkomen is favoriet. Even later gaan we terug naar de Griekenlandkamer. Daar krijgen we te horen dat we naar huis mogen, we moeten alleen die avond en nacht Owen een keer wakker maken.

De volgende dag krijg ik te horen dat de traumahelikopter die maandagochtend is opgeroepen en dat die later dus is afgezegd. Ik krijg er weer de rillingen van als ik eraan denk, aan hoe anders het allemaal had kunnen lopen als Owen niet meer was bijgekomen.

Maar alles is dus met een sisser afgelopen, al blijft het een eng idee. Dat moment dat je denkt dat er iets vreselijk mis is met je kind is verschrikkelijk. Ik vergeet nooit meer dat kleine lichaampje schokkend tegen me aan, zo kwetsbaar.

Een val zullen we nooit kunnen voorkomen, zeker niet met zo’n ondernemend kind als Owen, maar zijn sokken krijgt hij van ons niet meer aan binnen. #notetoself

 

8 Responses
  • roelina
    augustus 8, 2017

    Pfff wat heftig zeg, ik had er nog nooit van gehoord. Kun je niks er tegen doen?
    roelina onlangs geplaatst…Gezinsvakantie naar Italië #4: wat deden wij nog meer?My Profile

    • Michelle
      augustus 9, 2017

      Ik hoop aanstaande maandag meer te weten te komen, dan hebben we een afspraak met de kinderarts.

  • Maaike
    augustus 6, 2017

    Jeetje zeg, ik heb er geen woorden voor hoe zo’n situatie moet zijn!
    Maaike onlangs geplaatst…Geluk; kun je het zoeken én vinden?My Profile

    • Michelle
      augustus 7, 2017

      Heel erg naar.. Maar gelukkig is alles goed ☺️

  • Nesrin
    maart 12, 2017

    Heftig hoor… het lijkt mij verschrikkelijk om zoiets mee te maken. Gelukkig is het met een sisser afgelopen.

    • Michelle
      maart 12, 2017

      Gelukkig wel ja! 🙂

  • Shirley
    maart 11, 2017

    Jeetje, wat heftig zeg dat hij zolang niet bijkwam. Vind het niet raar dat je dab in paniek raakt. Gelukkig is het goed afgelopen.

    • Michelle
      maart 11, 2017

      Dat is het zeker! Gelukkig loopt ie weer rond alsof er niks is gebeurd 🙂

What do you think?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge